Lent heeft tegen Huizum altijd moeite om tot een goed resultaat te komen. Dit is al jaren zo en ook deze editie stond in het teken
van overleven. Natuurlijk hebben de Friezen een gemiddeld veel hogere rating dan het Lentse 10-tal, dat bovendien nog eens
2 basisspelers miste. Uiteindelijk stond er na een bloedstollende finale 10-10 op het scorebord, waarmee de Lentenaren dik tevreden
waren. Joop Geurts had enige moeilijkheden in de opening maar naar mate de partij vorderde kwam hij tegen Tjalling van den Bosch beter in zijn spel.
Het nadeel verdween en de eerste remise was een feit. Arjen de Mooij verkeek zich op het tegenspel van de Friese invaller Sietse Nagel. De Keller
variant die de Mooij koos had naar winst moeten leiden maar de Mooij kwam tot zijn eigen verbazing terecht in de verkeerde variant. Daarna was er eigenlijk geen weg terug meer,
waarna winst voor Nagel een kwestie van tijd was. Joppe Lemmen verbruikte veel tijd in de partij tegen Anton Schotanus. Lemmen kwam steeds minder te staan
maar met een mooie damcombinatie draaide hij de rollen om. Onder druk van de klok sloeg Lemmen niet optimaal met zijn dam, waarna de kansen op eventuele
winst helaas waren verkeken. Maarten Nas speelde een rustige klassieke partij tegen Johan Taeke Dekker. Na een wat mindere opbouw van Nas in het middenspel
leek Dekker nog kansen te krijgen, maar dit bleek slechts optisch. Na de tijdcontrole werden de punten gedeeld. Piet Bouma had Huizum nog verder op voorsprong
moeten brengen. Hij combineerde zich een weg naar dam tegen Marco van Bronswijk maar faalde in de afwerking. Van Bronswijk was uitermate content met het punt.
Gert van Willigen toonde een staaltje vechtlust tegen de Friese topper Rein van der Pal. Van der Pal stond lange tijd beter maar kon geen goed plan
ontwikkelen om te profiteren en moest uiteindelijk toestaan dat van Willigen het heft overnam en gemakkelijk een dikverdiend punt binnenhaalde.
Thijs Gerritsen ontwikkelde aardig wat druk tegen Jan Adema, die met een passief-aanvallende opstelling probeerde het spel gelijk te houden. Uiteindelijk bleek remise
een terechte uitkomst. Eep van Manen verdedigde zich optimaal tegen de kersverse Fries kampioen Erwin Heslinga. Het eindspel met een schijf minder werd vakkundig op
remise gehouden. Willem van den Berg was de enige winnaar aan Lentse kant. Met een variant uit de jaren 80 bewees hij maar weer eens dat openingstheorie soms een
belangrijke bijdrage kan leveren aan een goed resultaat. Met schijfwinst en uiteindelijk winst in het eindspel trok hij de stand gelijk naar 9-9. Daarmee was de wedstrijd
nog niet gedaan. Invaller Gerald Willemsen moest zich nog naar een punt knokken tegen Anne Kooistra. Willemsen stond duidelijk onder druk. Ook zijn tijdverdeling liet te
wensen over. In een 3 om 3 dammeneindspel speelde Kooistra nog even door, met luttele seconden voor Willemsen op de klok. De fout kwam, maar Kooistra zag de directe winst
niet waarna Willemsen de remise en de 10-10 gelukkig snel veilig stelde.
Thijs Gerritsen - Jan Adema 1-1
Marco van Bronswijk - Piet Bouma 1-1
Arjen de Mooij - Sietse Nagel 0-2
Maarten Nas - Johan Taeke Dekker 1-1
Gert van Willigen - Rein van der Pal 1-1
Joppe Lemmen - Anton Schotanus 1-1
Willem van den Berg - Johan Postma 2-0
Joop Geurts - Tjaliing van den Bosch 1-1
Gerald Willemsen - Anne Kooistra 1-1
Eep van Manen - Erwin Heslinga 1-1